Maand: april 2024

  • Nieuwsbrief der Lage Landen 26: Burgerman ende Edelman

    Nieuwsbrief der Lage Landen 26: Burgerman ende Edelman

    “Dees linker wil een bruid van haaren bruîgom rooven.
    Neen, kaalen edelman, vertrek! gy wordt verschoven.”


    De Nieuwsbrief der Lage Landen is de terugkerende nieuwsuitgave van het Zaakwoordenboek der Lage Landen – waarin zowel bijzonder, zeldzaam en/of schoon Nederlands wordt uitgelicht als wetenswaardigheden, gedichten en de laatste ontwikkelingen betreffende het zaakwoordenboek. Uitsluitend beschikbaar op Righartswoord. Tekene in om op de hoogte te blijven.


    Geachte lezenaar(ster),

    in ons tijdperk is het niet ongewoon dat de samenleving in drie verschillende klassen wordt gedeeld—de onderklasse, middenklasse en bovenklasse—maar uiteindelijk komt het neer op zij des volks zonder aanzienlijke macht en/of invloed en zij met: de “plebejer“ en de “patriciër“; of anders gezegd, de burgerman en de edelman.

    …hun waardige evenknieën niet te vergeten, de burgervrouw en de edelvrouw (of deftiger: burgervrouwe en edelvrouwe).

    Eerst een blik naar het verleden:

    Een patriciër—van Latijn patricius [adellijk] afgeleid, letterlijk te vertalen als aanzienlijke—was in het oude Rome een lid der hogere maatschappelijke klasse, vaak telg uit adellijke sibben. Hij bezat zowel staatkundige als maatschappelijke macht, had voorrecht zoals toegang tot staatkundige verrichtingen en had invloed op godsdienstige aangelegenheden.

    Een plebejer—van Latijn plebeius [tot het volk behorend] afgeleid—was daarentegen in eenzelfde tijdperk een lid der lagere maatschappelijke klasse. Hij had beperkte staatkundige rechten, minder maatschappelijke invloed en was vaak ambachtslid, boer of arbeider.

    Nu terug naar het heden:

    In het Nederlands leven deze begrippen voort als edelman / edelvrouw(e) en burgerman / burgervrouw(e); zonder een derde smaak, want de verschillen tussen de midden- en onderklasse zijn onduidelijk en willekeurig. Hun macht en invloed zijn van elkander niet zo verschillend, ongeacht hoeveel rijkdom de middeners kunnen vergaren. In staatkundige stelselen in het algemeen is dit van weinig belang, want enkel hij die de uitzondering kan bepalen is oppermachtig; de bovenklasse. Het is begrijpelijk dat in ons tijdperk het niet altijd meer overduidelijk is wie zich in welke kring bevind, maar een ieder met een scherpe blik herkent de verdeling.

    De -e achter de vrouwelijke woorden hierboven is omdat vrouwe ons woord voor Frans “dame” is, dus de -e kan worden weggelaten – het hangt ervan af hoe deftig de uitkomst is gewenst.

    Tot slot, het is goed om te onthouden dat wij het over mensen hebben die lid ener klasse zijn met afwijkende meervoudvormen: niet -mannen en -vrouwen, maar het gemeenslachtige -lieden.

    EnkelvoudMeervoud
    burgermanburgerlieden
    burgervrouw(e)burgerlieden
    edelmanedellieden
    edelvrouw(e)edellieden

    Vandaag in 1676

    29 grasmaand

    Achtergrond: beeltenis van Michiel de Ruyter (bron).

    29 grasmaand 1676: vlootheer Michiel Adriaenszoon ‘Bestevaêr’ de Ruyter overlijdt te Syracuse aan verwondingen die hij een week eerder tijdens de Slag bij Agosta opliep. Zijn rustplaats is de Nieuwe Kerk te Amsterdam.

    Michiel de Ruyter is een der bekendste zeehelden uit de Nederlandse geschiedenis, in dienst van den Staatse vloot des Gemenebests der Zeven Verenigde Nederlanden. Hij wordt algemeen als zijns tijds grootste vlootheer beschouwd, onder andere door zijn overwinningen tijdens de Engels-Nederlandse oorlogen; waaronder de vermaarde Tocht naar Chatham in 1667.
    De Ruyter was afwisselend in des staats dienst en in dat van reders, en was een tijdlang als zelfstandig walvisvaart-ondernemer werkzaam.

    De rang van De Ruyter, luitenant-admiraal-generaal, was gericht voor hem in 1673 geschapen—door koning-stadhouder Willem III—om zijn gezag en aanzien aan te geven.
    Van zijn vijf kinderen zou zijn jongste zoon, Engel de Ruyter (1649-1683), in zijn voetsporen treden, tot de rang van vice-admiraal [ondervlootheer].

    “Veel droeve om niewe vré, veel dolle om niew gevecht”

    Laaglands Dichterij

    Beeltenis van Constantijn Huygens (bron).

    Aan Hendrik Willemz Nobel, oudburgemeester van Rotterdam:

    Vriend Nobel, ’toude jaer sloot ghisteren sijn deuren,
    Wat sult ghij niewicheyts in ’t niewe sien gebeuren?
    ‘Twenscht allom al om niew, wat pap verdouwen can,
    ’tKindt om de niewe kolff, ’twijff om een niewen man,
    Veel mans om niewe wijffs, veel knechts om niewe heeren,
    Veel vrecken om niew gelt, veel gecken om niew’ kleeren, 
    Veel boeren om niew’ vrucht, veel hoeren om niew’ vreucht, 
    Veel kalen om niew haer, veel grijse om niewe jeught; 
    Veel maghere om niew vett, veel arme om niewe neeringh
    Veel boose om niewe wett, veel booser om niew’ leeringh, 
    Veel dorstighe om niew nat, veel leckre om niew gerecht, 
    Veel droeve om niewe vré, veel dolle om niew gevecht, 
    Maer hebb jck oock een beurt in ‘sWerelts werre-wenschen?
    Hoort Nobel vriendt, en lacht; jck wensch om niewe menschen:
    Off wilt ghij claerder zien waer mij het schoen-oor spant, 
    Ick wensch in ’tniewe Jaer om ’toude Engelandt.

    —Constantijn Huygens (1596-1687)

    Hoogachtend,
    C. J. Righart

  • Nieuwsbrief der Lage Landen 25: Des Jaars Dagen

    Nieuwsbrief der Lage Landen 25: Des Jaars Dagen

    In ’t jaar één als de uilen preken.


    De Nieuwsbrief der Lage Landen is de terugkerende nieuwsuitgave van het Zaakwoordenboek der Lage Landen – waarin zowel bijzonder, zeldzaam en/of schoon Nederlands wordt uitgelicht als de laatste ontwikkelingen betreffende het zaakwoordenboek. Uitsluitend beschikbaar op Righartswoord. Tekene in om op de hoogte te blijven.


    Geachte lezenaar(ster),

    na een aantal weken verwijl keert de nieuwsbrief weder. De reden: Des Jaars Dagen (‘de dagen van het jaar’), een nieuwe tijdwijzer voor het Zaakwoordenboek der Lage Landen.

    Koppeling naar Des Jaars Dagen.

    Deze tijdwijzer is door eenzelfde opzet bezield als wat de Wikipedia’s hebben verwezenlijkt en hij beoogt een soortgelijke vertoning, alhoewel met meer kaders dan Wikipedia (of kaders in het algemeen). Het komt neer op een overzicht van geheel en al 366 dagen met wetenswaardigheden die op een bepaalde dag hebben plaatsgevonden.

    Des tijdwijzers grenzen zijn des Avondlands, maar zullen mogelijk wel iets uitwaaien in gerichte gevallen. Een greep uit de aangehouden richtlijnen:

    • Zoekmogelijkheden: er kan zowel met de (meer gangbare) inheemse maandnamen worden gezocht als de hedendaagse Latijnse maandnamen; bijvoorbeeld: 1 louwmaand en 1 januari zullen allebei naar de bladzijde van 1 louwmaand leiden.
      De zeldzamere/vergeten maandnamen—zoals hardmaand voor januari—zijn niet mee te raadplegen (zie ook de Maandnamen Woordenlijst).
    • Dekking: veruit de meeste wetenswaardigheden zullen tot en met de negentiende eeuw zijn begrensd. Dit is een bewuste keuze en heeft te maken met de vooroorlogse tijdspanne toen het Avondland nog verscheidenere smaken had.
    • Mensen: enkel zij met een voltooid leven zullen op de tijdwijzer verschijnen. Hier wordt nadrukkelijk ook gekeken naar hun maatschappelijke invloed, met uitzondering van adel en godsdienst, maar staatkundige leiders—gericht, gekozen leiders—zullen vrijwel afwezig zijn tenzij hun invloed en nalatenschap buitengewoon waren.
      De ruwweg rode draad is: wie zal na zijn of haar tijdperk nog worden herinnerd?
    • Gebeurtenissen: oorlogen hebben geen voorrang, maar mogelijk komen zij uiteindelijk wel aan bod. Er is namelijk altijd strijd, maar lang niet elke krachtmeting is even invloedrijk geweest.
    • Overig: muziek, media, ruimtevaart, sport en wetenschap worden grotendeels vermeden, maar er zullen uitzonderingen zijn.
    • Geboorte-, sterf- en vierdagen: als het om mensen gaat zal enkel de sterfdag worden neergeschreven (in tegenstelling tot Wikipedia, die zowel geboorte- als sterfdag neerschrijft). Vierdagen van bijvoorbeeld heiligen zullen te zijner tijd verschijnen, maar hebben voorlopig een lage voorrang.

    De tijdwijzer is nog niet af, want alhoewel ik graag geschiedenis lees is er nog aardig wat werk te verrichten en geleidelijk aan zal het steeds meer worden aangevuld. Terwijl ik dit schrijf staat de teller op 53/366 (14,5%).

    Hier zijn drie willekeurige dagen om een indruk te geven:

    Dit brengt mij tot des nieuwsbriefs latere deel.

    Tijdens het vier-weken-durende verlof peinsde ik over de beste aanpak voor de drie reeksen die nu aan het ZLL zijn gekoppeld (Nieuwsbrief der Lage Landen, Vandaag In & Laaglands Dichterij) en bedacht ik mij dat de drie nieuwsbrieven eigenlijk wel onderdeel kunnen zijn van één – wel zo rustig voor ieders postvak, en dit was eerder ook het geval.

    Vandaag in 1529

    22 grasmaand

    Achtergrond: Kaart uit 1518 (bron).

    22 grasmaand 1529: het Verdrag van Zaragoza—een vredesverdrag tussen Castilië en Portugal—werd door Koning Jan III van Portugal en de Heilige Roomse Keizer Karel V ondertekend in de Aragonese stad Zaragoza. Het verdrag legde de invloedssferen van Castilië en Portugal te Morgenland vast om het “Molukken-vraagstuk” op te lossen, dat was ontstaan omdat beide koninkrijken de winstgevende specerijeneilanden voor zich opeisten en beweerden dat zij binnen hun invloedssfeer vielen zoals vijfendertig jaar eerder in het Verdrag van Tordesillas was vastgelegd. De botsing begon in 1520, toen ontdekkingsreizen van beide koninkrijken de Stille Wereldzee bereikten, omdat er in het verre oosten nog geen middaglijn was vastgesteld.

    “o Dichtkunst, echte godenteelt!”

    Laaglands Dichterij

    Beeltenis van Hendrik Tollens.

    Ode aan de dichtkunst (eerste rijm):

    Wie zijt gij, door geen grens te perken,
    Verheven geest! onstoflijk beeld!
    Wat zijt ge en wat uw wonderwerken,
    o Dichtkunst, echte godenteelt!
    Van waar die ongepeilde krachten,
    Die, uit een vuurstroom van gedachten,
    Zich storten op ’t ontroerd gemoed?
    Van waar, in ’t ongevraagd ontwellen,
    Die drift, die ’t hart doet hooger zwellen,
    En ombruist door ’t ontstoken bloed?

    —Hendrik Tollens (1780-1856)

    Hoogachtend,
    C. J. Righart