Auteur: C. J. Righart

  • Beladen Gemoederen

    Beladen Gemoederen

    Geachte lezer(es),

    de lentemaand vraagt om hoopvolle zonneschijn, niet om donkere wolken die haar stralen zouden weren. Doch treur en leed zijn van alle jaargetijden, en verschillende gemoedstoestanden kennen ook verschillende woorden, zowel inheemse als uitheemse. Wanneer men zich zo zou willen of moeten uitdrukken, late men zulks dan op de meest vaderlandse wijze verwoorden.

    ErventrouwOntleend
    NeerslachtigDepressief
    ZwartgalligPessimistisch
    ZwaarmoedigMelancholiek
    ZonloosSomber

    Neerslachtig

    Depressief

    Een gesteldheid des gemoeds, waarbij de geest als het ware neergeslagen is — gevormd uit het bijwoord neer en het van slaan afgeleide achtervoegsel -slachtig, hetwelk een neiging of geaardheid uitdrukt. Wie neerslachtig is, bevindt zich in een toestand van innerlijke gedruktheid, zonder noodzakelijkerwijs aan een langdurige kwaal des gemoeds te lijden. Het betreft veeleer een voorbijgaande stemming, een tijdelijke neerwaartse buiging der ziel, die door omstandigheden des levens wordt teweeggebracht en bij gunstiger wending wederom wijken kan.

    Depressief is ontleend aan het Franse dépressif, teruggaande op het Latijnse deprimere, uit de- [neer] en premere [drukken].

    Zwartgallig

    Pessimistisch

    Een samenstelling van zwart en gallig, van gal afgeleid. Dit schilderachtige bijvoeglijk naamwoord vindt zijn oorsprong in de oude lichaamssappenleer, volgens welke een overmaat der zwarte gal oorzaak was ener duistere, droefgeestige gemoedsgesteldheid. Wie zwartgallig is, ziet de wereld als door een donkeren sluier; hij of zij neigt tot vreugdeloze overpeinzingen en verwacht steeds het ergste. Zwartgallig draagt een sterkere lading dan neerslachtig, daar het niet slechts op een voorbijgaande stemming, maar op een diepgewortelde neiging tot donker denken wijst.

    Pessimistisch is langs het Franse pessimiste aan het Latijnse pessimus ontleend, de overtreffende trap van malus [slecht], letterlijk: het ergste verwachtend.

    Zwaarmoedig

    Melancholiek

    Uit zwaar en moedig samengesteld, waarbij moedig hier niet op dapperheid, maar op het gemoed betrekking heeft. Zwaarmoedig duidt op een toestand, waarin het gemoed als het ware een zwaren last torst. Diepgaande, aanhoudende droefgeestigheid, die het gehele wezen eens mensen doortrekt. Anders dan neerslachtig, hetwelk een voorbijgaande gedruktheid aanduidt, en anders dan zwartgallig, hetwelk eerder op een donkere verwachtingshouding wijst, behelst zwaarmoedigheid een bestendige zwaarte des harten, een stille, inwaartse treurnis die het gemoed onophoudelijk bezwaart.

    Melancholiek gaat terug op het Griekse melancolikos, van melancholia, uit melas [zwart] en chole [gal]. Hoewel melancholiek naar de letter gelijk staat aan zwartgallig, verdient het vaderlandse evenwoord zwaarmoedig de voorkeur, omdat melancholiek in het gebruik een betekenisverschuiving heeft ondergaan in de richting van aanhoudende, weemoedige droefgeestigheid.

    Zonloos

    Somber

    Tot slot het bijzondere zonloos. Dit bijvoeglijk naamwoord is een samenstelling van zon en het achtervoegsel -loos [zonder zon, van het zonlicht beroofd]. In overdrachtelijken zin duidt het op een gemoedsgesteldheid die verstoken is van alle warmte, licht en levensblijheid. Wat overblijft, is een innerlijke duisternis, waarin geen straal der hoop schijnt door te dringen. Het woord leent zich bijzonder voor de verheven, letterkundige stijl, daar het een beeldender en dichterlijker uitdrukking biedt dan het ingeburgerde, doch uitheemse somber.

    Somber, hoewel thans geheel ingeburgerd, is oorspronkelijk aan het Franse sombre ontleend, vermoedelijk teruggaande op het Laat-Latijnse subumbrare [beschaduwen], uit sub [onder] en umbra [schaduw].

    Hoogachtend,
    C. J. Righart
    ᛞᚳ᛬ᚹᛠᚱᛞᚳᚾᚪᚱ


    Beeld (achtergrond): Wikimedia Commons

  • Het Land van Binnen, Buiten en Boven

    Het Land van Binnen, Buiten en Boven

    Geachte lezer(es),

    de lentemaand is begonnen en de eerste bladblazer laat zich reeds horen. Terwijl een stralende zon schijnt zou dit gewoonlijk een uitgelezen tijd zijn om te klagen over datgene wat deze hemelse rust zou verstoren op een schone zondagmiddag, maar wat er nu werkelijk verstoort schuilt inzonderheid buiten onze grensstreken. Voorbij het binnenlandse, zelfs het buitenlandse, naar het bovenlandse [internationale], waar grootmachten onze geesten en huishoudens veelal bezighouden met zorg en ongewisheid.

    Neêrlants Gemaect is er evenwel niet voor de staatkundige duiding, dus dit stuk zal handelen over het woord bovenlands, maar late ons eerst stilstaan bij het omvangrijke leenwoord internationaal.

    Jeremy Bentham

    Wij gaan terug naar het jaar 1780 na Kerst toen de Engelsman Jeremy Bentham het woord international smeedde in zijn werk An Introduction to the Principles of Morals and Legislation [Ene Inleiding tot de Beginselen der Zedelijkheid en der Wetgeving], waarin hij law of nations [ius gentium] door international law verving.

    Een kunstmatig bouwsel, en een waarover de heer Bentham zelf ook eerlijk was:

    “The word international, it must be acknowledged, is a new one; though, it is hoped, sufficiently analogous and intelligible.”

    [Het woord internationaal, men moet het erkennen, is een nieuw woord; evenwel, naar men hoopt, voldoende overeenkomstig en verstaanbaar]

    Een invalshoek die ik, gezien mijn eigen beginselen, nooit zou tegenspreken, alhoewel Bentham in dezen juist naar het uitheemse grijpt voor zijn nieuwvorming, in plaats van in zijn eigen taalwortels te blijven.

    Zijn woordvorming vloeide voort uit de volgende bestanddelen:

    Latijnse bestanddeelBetekenis
    inter“tussen, onderling”
    natio“volk, geboorte, afstamming”
    -al(is)“betrekking hebbend op”

    Het woord internationaal bereikt onze taal begin der negentiende eeuw middels het Frans, gelijk destijds gebruikelijk was voor staatkundige begrippen, en weerspiegelt ook vele andere Franse woorden met achtervoegsel -al(e) zoals leenwoorden nationaal, rationaal, koloniaal, enzovoorts enzovoorts.

    Bovenlands

    Internationaal is dus, samengevat, in wezen een vreemd woord want alhoewel het Latijnse ‘inter’ [tussen] wordt gebezigd, wordt hier juist een begrip bedoeld dat landen overstijgt of op meerderen betrekking heeft. Een letterlijke vertaling van het woord als tussenlands is, alhoewel kloppend met Bentham’s bouwsel, minder Nederlands van aard dan iets als bovenlands.

    Ik heb in eerdere schrijfselen ook gespeeld met tussenlands, maar heb nu zowel hier als in het zaakwoordenboek bovenlands de voorkeur gegeven:

    TrapVorm
    stellende trapbovenlands
    verbogen stellende trapbovenlandse
    s-vorm stellendbovenlands
    vergrotende trapbovenlandser
    verbogen vergrotende trapbovenlandsere
    s-vorm vergrotendbovenlandsers
    overtreffende trapbovenlandst
    verbogen overtreffende trapbovenlandste

    Betekenissen:

    1. Betrekking hebbende op het verkeer, de betrekkingen of de aangelegenheden tussen twee of meer landen of staten; de grenzen eens enkelen lands te buiten gaande.
    2. Door verscheidene landen of staten gezamenlijk ondernomen, erkend of geregeld; van meer dan één land uitgaande of daarop betrekking hebbende.
    3. Afkomstig uit of behorende tot de bovenlanden; bovenstrooms gelegen.

    Tot slot, zie ook binnenlands en buitenlands, voor wie hen wenst te vergelijken, alledrie nu aanwezig op het ZLL.

    Hoogachtend,
    C. J. Righart
    ᛞᚳ᛬ᚹᛠᚱᛞᚳᚾᚪᚱ


    Beeld, achtergrond: Wikimedia Commons

  • Vier Jaar Oud

    Vier Jaar Oud

    Geachte lezer(es),

    het is vreemd om te bedenken dat mijn luidspreker tegen taalverloedering afgelopen vrijdag vier kaarsen van zijn verjaardagstaart heeft kunnen uitblazen, zo snel de tijd vergaat.

    2025 was voor het Zaakwoordenboek der Lage Landen een jaar van betrekkelijk weinig bedrijvigheid, deels omdat ik almaar aan mijn ‘grote werk’ blijf sleutelen, maar desondanks heeft het zaakwoordenboek niet stilgestaan, en met het oog op dit jaar is het tijd om (meer) kaders te stellen en dingen te gaan afronden.

    Later meer hierover, eerst wat huishoudelijke mededelingen betreffende Neêrlants Gemaect en deze ‘nieuwe’ nieuwsbrief.

    Huishoudelijke Mededelingen

    • Lang Leve de NLL
      De Nieuwsbrief der Lage Landen zal vanaf heden doorgaan als Nieuws Onzer Taal.
      Toen de NLL begon had het zaakwoordenboek een nieuwsbrief om het een stem te geven, maar na bijna vier jaren is het tijd om de nieuwsbrief los te maken. De inhoud blijft nagenoeg hetzelfde, maar dit geeft mij de ruimte om hem wellicht ooit een bredere invulling te kunnen geven naarmate de tijd vordert. De telling gaat door waar de NLL was gebleven, waardoor deze eerste uitgave nummer vijfenveertig is.
    • Nederlands (Beeld)gemaakt
      Het was ook tijd om de vormgeving te verfraaien. In tegenstelling tot de NLL heeft Nieuws Onzer Taal een eigen beeldmerk gekregen. Neêrlants Gemaect blijft niet achter en is ook vernieuwd — beiden in dezelfde tooikunstige zin.
    • De Vanzelfbrief
      Eind vorig jaar heb ik de mogelijkheid om voor de nieuwsbrief in te tekenen verwijderd omdat hij door mijn leveraar in ongewenste folders belandde, en in sommige gevallen zelfs door firewalls werd tegengehouden. Een ongelukkige omstandigheid, maar het is even niet anders. Mogelijk keert deze terug, mogelijk laat ik het zo.

    Door naar de viering.

    Nieuwe Voorzijde

    Een nieuw likje verf was vereist en verwerkt:

    De indeling is nagenoeg dezelfde gebleven, maar de verscheidene kleuren zijn voor een rustiger voorkomen ingewisseld. Iets zakelijker, doch dat past bij de nochtans droge bedoeling van dit aanwerk.

    Bezoekersaantallen

    Zeer ingewikkeld, het bepalen van ‘wat’ een bezoeker is en ‘hoe’ een bezoek moet worden herkend. Als dezelfde gebruiker vanaf twee verschillende IP-adressen verbindt, zijn dit dan twee gebruikers? Hoe lang duurt een bezoek? Vijf minuten, dertig? Enzovoorts, enzovoorts. De enige oplossing is bezoekers volgen, maar dit schendt eigenvrede en is tevens met invoegtoepassingen tegen te houden.

    Dat gezegd zijnde, het verkeer in 2025 zag hoe dan ook aanzienlijke groei:

    • 2022: eerste jaar
    • 2023: +64% toename
    • 2024: +109% toename
    • 2025: +1.060% toename en het eerste jaar dat het over de 100.000 bezoeken ging.

    In des jaars begin had ik nog twijfel over de waarde van het zaakwoordenboek in tijden waarin men nu veelal met Large Language Models (LLM) aan de gang gaat. De luchtbel waar die nijverheid zich nu in bevindt kan de wereld overnemen, of barsten…maar wat de uitkomst ook moge zijn, werken van mensenhand zoals het ZLL zullen denk ik alsnog van belang blijven, zelfs al blijft het bij bronnen waarop die diensten zich zullen africhten.

    Zulk verkeer als vorig jaar zal gewis niet aanhouden, gezien de spoeling van bevlogen taalveredelaren immers schaars is. Desalniettemin, de knoop is doorgehakt en het werk moet af.

    Voeling

    Er waren meerdere webpostadressen in omloop en die zijn nu overal dezelfde geworden, op zowel NG als het ZLL, voor alle doeleinden: de.woordenaar(apenstaartje)proton.me.

    Voornemens

    Het streven:

    • Een Schoner Woord moet deels worden herzien en hetgeen overblijft moet bladzijden krijgen, dan is het ‘af’. In wezen is dit alles dat voorrang krijgt met de geringe tijd die ik heb om hieraan te besteden.
    • Indien dit haalbaar is, behoeft de zuilengang verzorging, want het zaakwoordenboek zal eigenlijk één grote bundel woordenlijsten moeten worden, gezien het nooit een werkelijk volledig woordenboek zal kunnen worden (tenzij er een heir aan vrijwilligers op een dag bijkomen die mijn zienswijze delen).

    Hoogachtend,
    C. J. Righart
    ᛞᚳ᛬ᚹᛠᚱᛞᚳᚾᚪᚱ

  • Oude Dag, Nieuwe Avond

    Oude Dag, Nieuwe Avond

    De Nieuwsbrief der Lage Landen is de terugkerende nieuwsuitgave van het Zaakwoordenboek der Lage Landen – waarin zowel bijzonder, zeldzaam en/of schoon Nederlands wordt uitgelicht als de laatste ontwikkelingen betreffende het zaakwoordenboek.


    Geachte lezer(es),

    zo eindigt het jaar 2025.

    Gezien volgend jaar de Wet Veilige Jaarwisseling van kracht gaat kietelde het om vanavond een stukje te wijden over vuurwerk, maar toen bedacht ik mij dat het belangwekkender zou zijn om dit te doen eind 2026. Terwijl ik tik is er buiten geknetter en geknal te horen, maar hoe luid zal het zijn op de eenendertigste van de laatste maand?

    Kersttoespraak


    Na zeven nieuwsbrieven over Kerstmis heb ik het hier wel het nodige over gezegd, maar als een soort kers op de taart kunnen wij nog even snel (en kort) terugkijken naar de kersttoespraak van Zijne Majesteit, koning Willem-Alexander der Nederlanden, van afgelopen 25 wintermaand.

    De inleiding begint sterk:

    Wat maakt het Kerstverhaal zo mooi? Waarom blijft het zoveel mensen raken?

    Kort daarna, echter:

    Het heeft te maken met de nabijheid en herkenbaarheid ervan. Het Kerstverhaal verbindt het allerkleinste met het allergrootste. De Redder van de wereld komt ons vrede brengen. Niet als superheld, maar als pasgeboren kind in een ‘gewoon’ timmermansgezin. 

    De naam Jezus wordt verhuld achter ‘de Redder’—wat overigens wel een scherpe redekunstige omzeiling van de schrijver(s) is, moet ik toegeven—maar nee, Hij kwam niet om vrede te brengen:

    “Denk niet dat Ik ben gekomen om vrede op aarde te brengen. Nee, eerder een zwaard” –Mattheüs 10:34

    Daarnaast mag de vergelijking wellicht ‘herkenbaar’ zijn, maar de Menswording draait niet om herkenbaarheid voor het eerste lid in de samenstelling ‘kersttoespraak’.

    Alles wat hierna kwam is wat men ook in de Tweede Kamer te horen krijgt. Begrijpelijk, vanuit het gezichtspunt van het staatshoofd dat een ieder poogt tevreden te houden, maar ik zie niet hoe deze aanpak de juiste snaar raakt bij wie dan ook.

    Had dit een eindejaarstoespraak geheten, dan was er geen verhaal. Wat ik in De Week van Kerst wilde benadrukken is nergens zo duidelijk dan in een toespraak als deze.

    Een Nieuwe Avond


    Nu tot een terugkering naar wat de Nieuwsbrief der Lage Landen gewoonlijk doet, het stof van oude woorden blazen om deze weer in de schijnwerpers te zetten.

    Met oud en nieuw nabij tijdens deze oudejaarsavond zijn er ook andere namen voor deze terugkerende viering:

    Nieuwavond

    De avond van de laatste dag des jaars; de avond voorafgaand aan het nieuwe jaar. Gelijk aan oudejaarsavond.

    Silvesteravond

    Deze naam verwijst naar paus-heilige Silvester I, die stichtheer van Rome was van 314 tot 335 na Kerst.

    Volgens de overlevering overleed Silvester op 31 wintermaand. De Rooms-Katholieke Kerk stelde zijn naamdag vast op deze dagstelling, en omdat dit nauwgezet samenvalt met oudjaar, werd zijn naam in het Westen gelijkgesteld aan de jaarwisseling.

    Silvester I was paus tijdens een doorslaggevend keerpunt in de kerkgeschiedenis: de tijdspanne waarin de Romeinse keizer Heilige Constantijn de Grote regeerde. Het kerstendom omvormde van een vervolgde godsdienst naar een erkende en bevoorrechte; onder meer grote kerstelijke basilieken in Rome werden gebouwd op aanstichting van Constantijn, en in 325 vond ook de Eerste Samenkomst van Nicea plaats, waar de wezenlijke kerstelijke geloofsbelijdenis werd vastgelegd.

    Hoewel Silvester vóór het Grote Schisma (1054) leefde en door beide kerken als heilige wordt erkend, is de koppeling met “nieuwjaar” uitsluitend Westers. De Oosters-Orthodoxe Kerk viert zijn naamdag namelijk op 2 louwmaand in plaats van 31 wintermaand.

    Het gebruik van “Silvester” voor oudejaarsavond is daardoor een kenmerkend West-Avondlandse overlevering, die vooral in Duitstalige landen overheersend is. In Nederland en Vlaanderen is het begrip bekend, maar minder gangbaar dan oudejaarsavond, en hopelijk na dit stukje ook nieuwavond.

    Hoogachtend,
    C. J. Righart
    ᛞᚳ᛬ᚹᛠᚱᛞᚳᚾᚪᚱ


    Beeld (achtergrond): Wikimedia Commons

  • Deur naar de Geheimenis

    Deur naar de Geheimenis

    De Nieuwsbrief der Lage Landen is de terugkerende nieuwsuitgave van het Zaakwoordenboek der Lage Landen – waarin zowel bijzonder, zeldzaam en/of schoon Nederlands wordt uitgelicht als de laatste ontwikkelingen betreffende het zaakwoordenboek.


    Geachte lezer(es),

    zeven dagen, zeven stukken. De Week van Kerst komt aan een einde, op de vierentwintigste van wintermaand, Kerstavond (aldus de Gregoriaanse tijdrekening, welke is gekozen omdat deze in de lage landen eenvoudigweg het meest voorkomt).

    Ieder schrijfsel van de afgelopen dagen belichtte één onderwerp, onderscheidenlijk, beknopt, zonder verrassende onthullingen of vernieuwende inzichten. Nee, het doel was niets meer of minder dan tussen de regels door te benadrukken dat Kerst geen jaargetijde is, maar iemand. Kerstmis niet geschenken onder een boom zijn, maar een plechtigheid. Dat Sinterklaas en de Kerstman één en dezelfde man zijn, maar beiden geen Kerst.

    Enzovoorts, enzovoorts.

    Terugkijkend, ik had eigenlijk meer tijd moeten nemen in de voorbereiding, maar hopelijk is de hoedanigheid vooralsnog vermakelijk en/of verhelderend geweest. De kerstelijke (christelijke) invalshoek was met opzet, want als die zijde der viering zou worden gescheiden, zegt dat in wezen alles wat deze zeven stukken beoogden.

    Dat gezegd hebbende, de NLL zal hierna weer de gewoonlijke onderwerpen benaderen, onregelmatig, en na eerst wat verwijl.

    De Week van Kerst

    Een korte reeks schrijfselen die de herkomst van de Kerstmis benadrukt en uitlicht zoals deze tijdspanne geschiedkundig werd gevierd.

    1. De Naam van den Haard
    2. Vier Dagen als Vierdagen
    3. Het Goud van Myra
    4. Licht in de Vensters
    5. Het Hart van Kerstmis
    6. De Levensboom
    7. Deur naar de Geheimenis

    Kerstavond


    De avond van Kerst, 24 wintermaand, wordt gezien als de aanloop naar de feestdag – een tijd van laatste voorbereidingen, giften en maaltijden. Doch in de ware overlevering van het geloof draagt deze avond een eigen, diepe betekenis als de plechtige drempel naar de geheimenis der Menswording.

    Deze vooravond is geen wereldse, maar onlosmakelijk verbonden met de viering zelf. Een tijd van ingetogen verwachting, verwant aan de Stille Zaterdag voor Oosteren. De aandacht gaat uit naar de naderende nachtmis, de hoogmis van de geboorte – het ogenblik waarop de eeuwigheid de tijd binnenstapt.

    In de Westerse overlevering wordt deze avond vaak gevuld met stille aanbidding. De gelovigen komen samen voor de nachtmis, waarin oude gezangen klinken die de geboorte verkondigen. In de Oosterse kerken gaat een vasten vooraf aan de nachtelijke viering, waarbij men zich onthecht van het wereldse om ruimte te maken voor het goddelijke. Niet de drukte van inkopen en maatschappelijke plichten krijgt de voorrang, maar gebed en bezinning, naast zang.

    Veel hedendaagse liederen met voorvoegsel kerst- benoemen Kerst niet eens meer. Zij zingen over sneeuw, rendieren, warmte en lust, maar niet over Jezus die in een kribbe werd gelegd. Deze verschuiving weerspiegelt de verwereldlijking van Kerstavond: van een gewijde drempel naar een wereldse jool. Wat verloren gaat is de plechtige overgang van voorspelling naar vervulling, van belofte naar menswording.

    Kerstavond is noch de zalige maaltijd, noch het gezellige gezelschap, noch het geschonken geschenk. Het is een avond van gebed, gezang en verwachting – de deur naar de geheimenis die de wereld veranderde.

    Hoogachtend,
    C. J. Righart
    ᛞᚳ᛬ᚹᛠᚱᛞᚳᚾᚪᚱ


    Beeld (achtergrond): Wikimedia Commons

  • De Levensboom

    De Levensboom

    De Nieuwsbrief der Lage Landen is de terugkerende nieuwsuitgave van het Zaakwoordenboek der Lage Landen – waarin zowel bijzonder, zeldzaam en/of schoon Nederlands wordt uitgelicht als de laatste ontwikkelingen betreffende het zaakwoordenboek.


    Geachte lezer(es),

    op de zesde dag in de Week van Kerst gaat het over de boom die de pronk vormt van menig woonvertrek tijdens de wintermaand. Van huizen tot gezaten – zij het dat (ook) dit jaar de kerstboom afwezig blijft in de kersttoespraak van Zijne Majesteit:

    ©RVD – Robin de Puy

    De toespraak wordt pas op 25 wintermaand uitgezonden, maar reeds nu valt op dat de kerstboom op de ambtelijke opname wederom niet zichtbaar is. Zo dan ook de vraag: wat maakt een getooide spar eigenlijk tot een kerstboom?

    De Week van Kerst

    Een korte reeks schrijfselen die de herkomst van de Kerstmis benadrukt en uitlicht zoals deze tijdspanne geschiedkundig werd gevierd.

    1. De Naam van den Haard
    2. Vier Dagen als Vierdagen
    3. Het Goud van Myra
    4. Licht in de Vensters
    5. Het Hart van Kerstmis
    6. De Levensboom
    7. Deur naar de Geheimenis

    De Kerstboom


    De kerstboom behoort tot de krachtigste zinnebeelden van de wintertijd. Zijn oorsprong ligt in een diep geloof, ver voorbij de huidige viering. Waar velen nu slechts een versierde spar zien, stond hij eeuwenlang als een belijdenis van Kerst in naald en licht.

    Het gebruik van altijdgroene takken tijdens de donkerste tijd des jaars is een oud gebruik. De Kerk, in haar wijsheid, heeft deze bestaande volkse gewoonte niet verworpen maar verheven en met nieuw leven vervuld. Zij voorzag het symbool van een diepere werkelijkheid. De groene boom werd zo een teken van Kerst Zelf: de ware Levensboom uit het Lusthof (Genesis 2:91, Openbaring 22:22), die door Zijn geboorte en offer het eeuwige leven schenkt.

    Ieder onderdeel des booms draagt een bedoeling die tot nadenken stemt:

    • De driehoekige vorm: Herinnert aan de Heilige Drievuldigheid.
    • De altijdgroene takken: Wijzen op het onvergankelijke leven dat Kerst brengt, een leven dat sterker is dan de dood.
    • De lichtjes: Zij verbeelden Kerst als het Licht der wereld, dat schijnt in de duisternis van de zonde en haar overwint.
    • De ster op de punt: Zij bekroont de boom als de Ster van Bethlehem en wijst naar de Koning der koningen.

    In de hedendaagse omgang met deze onderdelen openbaart zich een breder verval: kerstelijke vormen die standhouden terwijl hun inhoud is weggevloeid. Het herstel zijner betekenis gaat voorbij persoonlijke voorkeur, want de boom is geen onschuldig versiersel. Hij is een belijdenis van het geloof in Kerst: de ware Levensboom die door Zijn dood aan het kruishout de dood overwon om eeuwig leven te geven. Wie hem in huis haalt zonder deze waarheid te erkennen, draagt bewust of onbewust een lege schil mee – een versierde spar, hoe fraai dan ook, maar een spar zonder Kerst.

    Hoogachtend,
    C. J. Righart
    ᛞᚳ᛬ᚹᛠᚱᛞᚳᚾᚪᚱ


    1. Daarnaast liet God alle bomen groeien die mooi waren om te zien en goed om te eten. Ook stonden in het midden van de tuin de boom des levens en de boom der kennis van goed en kwaad. ↩︎
    2. In het midden van de straat en aan weerszijden des vliets stond de boom des levens, die twaalf vruchten droeg, waarbij elke boom elke maand zijn vruchten voortbracht. De bladeren van de boom waren voor de genezing der volkeren. ↩︎

    Beeld (achtergrond): Wikimedia Commons

  • Het Hart van Kerstmis

    Het Hart van Kerstmis

    De Nieuwsbrief der Lage Landen is de terugkerende nieuwsuitgave van het Zaakwoordenboek der Lage Landen – waarin zowel bijzonder, zeldzaam en/of schoon Nederlands wordt uitgelicht als de laatste ontwikkelingen betreffende het zaakwoordenboek.


    Geachte lezer(es),

    op dag vijf kijken wij naar de bekende kerststal zelf. In het nieuws was deze namelijk dit jaar opmerkelijk in beeld bij onze zuidelijke buren:

    Bron: apnews.com

    Dit nieuwsbericht zou een geheel eigen schrijfsel verdienen, maar daar zijn deze beknopte brieven niet voor. Samengevat: de ontmenselijkte gedaanten die kunstenares Victoria-Maria Geyer had neergezet, waarmee zij mensen schijnbaar door middel van doeken met elkander wilde verbinden, leidden niet enkel tot ophef, maar ook tot “ontvoering” en later zelfs bekladding.

    Deze, gekscherend gezegd, verrassende uitkomst geeft reden om nogmaals te benadrukken wat de kerststal werkelijk is en waar hij vandaan komt.

    De Week van Kerst

    Een korte reeks schrijfselen die de herkomst van de Kerstmis benadrukt en uitlicht zoals deze tijdspanne geschiedkundig werd gevierd.

    1. De Naam van den Haard
    2. Vier Dagen als Vierdagen
    3. Het Goud van Myra
    4. Licht in de Vensters
    5. Het Hart van Kerstmis
    6. De Levensboom
    7. Deur naar de Geheimenis

    De Kerststal


    De kerststal is meer dan een volkse versiering. Hij is een levende afbeelding van de geheimenis der Menswording. Zijn diepe betekenis gaat voorbij de waarde die de hedendaagse tijd er vaak aan toekent.

    De kern van Kerstendom is hierin zichtbaar: God die Mens wordt in volkomen eenvoud en afhankelijkheid. De voederbak benadrukt zijn nederigheid en vervult de voorzegging van Jesaja 1:3:

    “De os kent zijn eigenaar en een ezel de kribbe zijns meesters, maar Israël kent Mij niet en het volk begrijpt Mij niet.”

    Verspreiding van de kerststal begint met Franciscus van Assisi in 1223 n.K. te Greccio, Italië. Op Kerstnacht riep hij de dorpelingen bijeen in een grot waar hij een levende voorstelling van de geboorte van Kerst had opgezet: een voederbak met hooi, een os, een ezel, en een wiegje. Zijn doel was zowel onderwijzend als beschouwend. In een tijd waarin weinigen konden lezen, schiep hij een tastbaar beeld waardoor het voor een ieder begrijpelijk werd. Deze voorstelling was geen vrije verbeelding of louter toneel, maar een getrouwe weergave van de evangelieverhalen van Matteüs en Lukas.

    Matteüs 2:1-2:

    “Toen Jezus te Bethlehem, Judea was geboren, in de dagen van koning Herodes, kwamen er wijzen uit het Oosten naar Jeruzalem. Zij vroegen: ‘Waar is de koning der Judeeërs die is geboren? Wij hebben namelijk zijn ster in het Oosten gezien en zijn gekomen om hem te aanbidden.’”

    Lukas 2:7:

    En zij baarde haar eerstgeboren Zoon, wikkelde Hem in doeken en legde Hem in een kribbe, omdat er voor hen geen plaats in de herberg was.

    Lukas 2:10-12

    Toen zei de engel tegen hen: ‘Wees niet bang, want zie, ik breng u goed nieuws van grote vreugde, dat voor alle mensen zal zijn. Want vandaag is voor u in de stad van David een Redder geboren, die Kerst, de Heer, is. En dit zal voor u het teken zijn: u zal een kind vinden dat in doeken gewikkeld in een kribbe ligt.’

    Franciscus wilde dat gelovigen niet alleen met het verstand, maar ook met het hart zouden verstaan hoe God zich in armoede en nederigheid openbaarde. Sindsdien verspreidde het gebruik van de kerststal zich door de westerse kerstelijke wereld, van kerken tot huizen, en uiteindelijk zelfs stadspleinen.

    Hoogachtend,
    C. J. Righart
    ᛞᚳ᛬ᚹᛠᚱᛞᚳᚾᚪᚱ


    Beeld: Wikimedia Commons

  • Licht in de Vensters

    Licht in de Vensters

    De Nieuwsbrief der Lage Landen is de terugkerende nieuwsuitgave van het Zaakwoordenboek der Lage Landen – waarin zowel bijzonder, zeldzaam en/of schoon Nederlands wordt uitgelicht als de laatste ontwikkelingen betreffende het zaakwoordenboek.


    Geachte lezer(es),

    tijdens de vierde dag gaan de schijnwerpers naar hetgeen schijn werpt, de verlichting die in deze tijdspanne menig huis en straat versiert.

    De aanleiding was aanvankelijk dit stuk uit Bild.de:

    Vertaald: “Te duur: kerstverlichting: eerste steden trekken de stekker eruit!”

    Samengevat, dit bericht van 1 wintermaand 2025 beschrijft hoe verschillende Duitse steden, waaronder Dresden en Stuttgart, de kerstverlichting dimmen of doven – naar eigen zeggen vanwege te hoge kosten. Voor hen die tussen de regels kunnen lezen is het niet ondenkbaar dat hier ook andere belangen bij betrokken zijn, maar het punt blijft: kerstverlichting terugbrengen tot een vraagstuk van uitgaven mist de kern, en dit stuk zal ingaan op waarom dat zo is.

    De Week van Kerst

    Een korte reeks schrijfselen die de herkomst van de Kerstmis benadrukt en uitlicht zoals deze tijdspanne geschiedkundig werd gevierd.

    1. De Naam van den Haard
    2. Vier Dagen als Vierdagen
    3. Het Goud van Myra
    4. Licht in de Vensters
    5. Het Hart van Kerstmis
    6. De Levensboom
    7. Deur naar de Geheimenis

    Kerstverlichting


    Elk lichtje in de kerstverlichting draagt een diepere betekenis van hoop en verwachting. Wanneer straten oplichten in een zee van lampjes, nodigt dit uit om achter de hedendaagse schittering de oorspronkelijke kracht te herontdekken: de belofte dat de duisternis niet het laatste woord heeft.

    De kerstverlichting vindt haar diepste grond in de geboorte van Kerst zelf – het Licht dat in de duisternis schijnt. Waar de nachten het langst zijn, daar breekt deze waarheid door in elke kaars en lamp die wordt aangestoken. Het verlichten van huizen en straten is daarom meer dan gewoonte of versiering; het is een zichtbare bevestiging van wat werd beloofd. Elk lichtje getuigt ermee dat de schaduw wijkt voor de gloed van Hem die zei: “Ik ben het Licht der wereld.” Deze woorden geven richting aan wat anders louter sfeer zou blijven. Zij maken van verlichting werkelijk Kerstverlichting.

    Wie kaarsen in de ramen plaatst of slingers rond de kozijnen hangt, geeft uitdrukking aan iets wezenlijks. Deze verlichte vensters spreken van warmte, geborgenheid en levenskracht. Een teken dat hier wordt geleefd, dat hier vreugde heerst en dierbare banden worden gekoesterd. Een verlicht venster zegt zonder woorden: hier klopt een hart, hier brandt een vuur, hier is thuis. Het nodigt de voorbijganger uit om stil te staan bij wat werkelijk telt: niet de drukte van de wereld, maar de rust van het eigen haard.

    Kerstverlichting is een eenvoudig maar krachtig gebaar. Zij verbindt met een lange geschiedenis van mensen die in donkere tijden naar het licht reikten, die begrepen dat duisternis niet voor altijd duurt. De gezelligheid van een verlicht huis, de schoonheid van een versierde straat, de hoop die in iedere blaak flakkert: dit alles is meer dan optooiing. Het is een stille bevestiging dat hier nog wordt geloofd in wat goed, waar en schoon is, een deelname aan iets dat veel groter is dan de eigen vier wanden. Het licht is een antwoord op Zijn komst – een antwoord dat schittert.

    Hoogachtend,
    C. J. Righart
    ᛞᚳ᛬ᚹᛠᚱᛞᚳᚾᚪᚱ


    Beeld (achtergrond): Wikimedia Commons

  • Het Goud van Myra

    Het Goud van Myra

    De Nieuwsbrief der Lage Landen is de terugkerende nieuwsuitgave van het Zaakwoordenboek der Lage Landen – waarin zowel bijzonder, zeldzaam en/of schoon Nederlands wordt uitgelicht als de laatste ontwikkelingen betreffende het zaakwoordenboek.


    Geachte lezer(es),

    alhoewel de man van dit stuk geen rechtstreeks onderdeel van de Kerstviering is, is hij alsnog van groot belang. De wintermaand heeft immers zowel een naamdag als een avondviering ter ere van hem in verscheidene vormen, maar wie was deze goedheiligman en hoe komt het dat zijn ware beeltenis zover uit de openbare ruimte lijkt te zijn verdwenen?

    De Week van Kerst

    Een korte reeks schrijfselen die de herkomst van de Kerstmis benadrukt en uitlicht zoals deze tijdspanne geschiedkundig werd gevierd.

    1. De Naam van den Haard
    2. Vier Dagen als Vierdagen
    3. Het Goud van Myra
    4. Licht in de Vensters
    5. Het Hart van Kerstmis
    6. De Levensboom
    7. Deur naar de Geheimenis

    Een Levende Erfenis


    De geschiedkundige gedaante van de heilige Nicolaas, de vierde-eeuwse stichtheer van Myra te Lycië, ondergaat een verontrustende gedaanteverwisseling in de volkscultuur. Zijn erfenis raakt ontdaan van haar kerstelijke kern. Desalniettemin blijft de waarheid over Nicolaas beschikbaar voor wie zoekt, en zijn levensverhaal biedt een krachtig tegenwicht aan de stoffelijke tijdgeest die ons omringt.

    De kern van zijn betekenis vinden wij in zijn levensbeschrijving, die hem toont als een man van werkelijke heiligheid – niet slechts vriendelijkheid, maar goddelijke kracht werkend door menselijke gehoorzaamheid. Het meest sprekende verhaal is dat van de drie dochters: Nicolaas werpt, zonder zich kenbaar te maken, drie buidels met goud naar binnen voor de drie dochters van een verarmde edelman. Deze geschenken dienen als bruidsschat, waardoor de jonge vrouwen een eerzaam huwelijk kunnen aangaan en worden behoed voor ontuchtigheid of maatschappelijke ondergang.

    Deze daad weerspiegelt rechtstreeks het onderwijs van Matteüs 6:1-4:

    Zorg ervoor dat u uw liefdadigheden niet voor de ogen van mensen verricht, om door hen te worden gezien. Anders krijgt u geen beloning van uw Vader in de hemel. Wanneer u dus liefdadigheid verricht, laat dan geen trompet voor u uitgaan, zoals de huichelaren doen in de synagogen en op de straten, opdat zij eer der mensen ontvangen. Voorwaar, Ik zeg u, zij hebben hun beloning reeds ontvangen. Maar wanneer u liefdadigheid verricht, laat dan uw linkerhand niet weten wat uw rechterhand doet, opdat uw liefdadigheid in het verborgene blijft; en uw Vader, die in het verborgene ziet, zal u zelf in het openbaar belonen.

    Nicolaas gaf niet om te worden gezien, maar om nood te lenigen. Zijn geschenken waren gericht op redding en bescherming – een scherp onderscheid met het hedendaagse geven dat draait om genot en zelfbevrediging.

    Behalve weldoener was hij ook een vurige verdediger van de rechtzinnige leer. Hij nam deel aan de Hoofdvergadering van Nicea (325 na Kerst), waar hij de ketterij van Arius bestreed. Andere vertellingen tonen zijn wondermacht: hij redde drie onschuldig ter dood veroordeelde mannen; hij deed drie vermoorde kinderen herrijzen. Deze verhalen zijn getuigenissen van Gods kracht werkend door een toegewijd leven.

    In de Nederlandse en Germaanse overlevering ondergaat deze erfenis haar eerste inkorting. De stichtheer verandert in Sinterklaas, waarbij voorkerstelijke inheemse gebruiken binnensijpelen: Wodan-beelden (de wilde jacht door de lucht), knecht-gedaanten, en een nadruk op beloning en bestraffing die de oorspronkelijke aandacht voor onvoorwaardelijke barmhartigheid vervangt. De zedelijke kern blijft aanwezig, maar raakt losgeweekt van haar geloofsgrondslag.

    In de Angelsaksische wereld voltrekt zich een volledige breuk. Nederlandse kolonisten brengen de overlevering naar Nieuw-Amsterdam, waar de figuur in de negentiende eeuw verandert in Santa Claus – een wereldse verschijning zonder enige stichtheerlijke waardigheid. Dichtwerk, spotprenten en uiteindelijk handelskonde binden de gedaante aan koopmansvertier. Hij wordt een zinnebeeld van verbruikerszucht, waarbij het geven wordt omgeduid van opoffering voor de naaste naar bevrediging van verlangens.

    In de Oosters-Rechtzinnige overlevering blijft de heilige Nicolaas een der meest vereerden. Zijn vierdag (6 wintermaand) wordt plechtig gevierd met gezangen die zijn geloofsbetekenis benadrukken. In deze overlevering is er geen plaats voor rendieren, kabouters of koopwaar. Nicolaas blijft wat hij was: een stichter, een wonderdoener, een voorspraak bij God.

    Zijn erfenis is niet verloren, maar verduisterd. In een tijd waarin geestelijke armoede zich vermomt als stoffelijke overvloed, biedt zijn ware verhaal een weg terug. Het oorspronkelijke voorbeeld van de heilige stichtheer van Myra kan ons uitnodigen om de diepere betekenis van geven te hervinden – niet als ruil of gewoonte, maar als navolging van Kerst, die Zichzelf gaf voor de redding van Zijn volk.

    Hoogachtend,
    C. J. Righart
    ᛞᚳ᛬ᚹᛠᚱᛞᚳᚾᚪᚱ


    Beeld (achtergrond): Uncut Mountain Supply / Wikimedia Commons / Wikimedia Commons

  • Vier Dagen als Vierdagen

    Vier Dagen als Vierdagen

    De Nieuwsbrief der Lage Landen is de terugkerende nieuwsuitgave van het Zaakwoordenboek der Lage Landen – waarin zowel bijzonder, zeldzaam en/of schoon Nederlands wordt uitgelicht als de laatste ontwikkelingen betreffende het zaakwoordenboek.


    Geachte lezer(es)

    gisteren ging het over Kerst als begrip en naam, en vandaag is de schijnwerper op alle dagen van de Mis gericht. Niet één, niet twee, maar vier dagen. Iedere dag heeft een gerichte betekenis, en de verschillen tussen Oost en West worden naast elkaar beschreven.

    De dagstellingen zijn aangegeven volgens zowel de Gregoriaanse als de Juliaanse tijdrekening. De Juliaanse kalender houdt in wezen dezelfde dagen aan als de Gregoriaanse, maar omdat deze een andere telling erop nahoudt, “verschuift” de Gregoriaanse dagstelling als het ware. Zowel West als Oost erkennen dus dezelfde Kerstdagen, maar verschillen soms van inhoud.

    De Week van Kerst

    Een korte reeks schrijfselen die de herkomst van de Kerstmis benadrukt en uitlicht zoals deze tijdspanne geschiedkundig werd gevierd.

    1. De Naam van den Haard
    2. Vier Dagen als Vierdagen
    3. Het Goud van Myra
    4. Licht in de Vensters
    5. Het Hart van Kerstmis
    6. De Levensboom
    7. Deur naar de Geheimenis

    Eerste Kerstdag: De Hoogtijd van de Geboorte


    • Westerse Beoefening (25 wintermaand)
      • De dag straalt met de plechtige viering van de Geboorte des Heren. Kerken vullen zich met wierook en het verheven Gloria in Excelsis Deo (‘Eer aan God in den hoge’). Het is een heilig ogenblik van zuivere aanbidding van Kerst, het Vleesgworden Woord.
    • Orthodoxe Richtlijn (25 wintermaand Juliaans / 7 louwmaand Gregoriaans)
      • De dag begint met de nachtwake en de Goddelijke Eredienst die de Vleeswording viert. Het staat bekend als de ‘Jool der Jolen’ (ἑορτῶν ἑορτή), volledig aan de menswording van God gewijd.

    Tweede Kerstdag: Martelaarschap en Naastenliefde


    • Westerse Beoefening (26 wintermaand)
      • Heilige Stefanus
      • Meteen na de vreugde komt de werkelijkheid van het geloof in de wereld. Deze dag eert Heilige Stefanus, de eerste martelaar, die zijn leven voor Kerst gaf. Het herinnert ons dat de vreugde van Kerstmis een waarheid is die offers eist. De nadruk ligt op diakenwerk – het bezoeken van armen, zieken en eenzamen. Het is Kerstmis in daad.
    • Orthodoxe Richtlijn (26 wintermaand Juliaans / 8 louwmaand Gregoriaans)
      • Synaxis van de Theotokos [Samenkomst der Godsdraagster]
      • Deze dag wordt de Allerheiligste Moeder Gods geëerd als degene door wie God mens werd. De volgorde is godsdienstig helder: eerst viert men de Zoon, dan eert men de Moeder die Hem baarde.

    Derde Kerstdag: Liefde en Evangelie


    • Westerse Beoefening (27 wintermaand)
      • Heilige Jan de Evangelist
      • Deze dag viert Johannes de Evangelist, de ‘geliefde leerling’ die aan het kruis de zorg voor Maria toevertrouwd krijgt. Het benadrukt de innige, liefdevolle band tussen Kerst en Zijn Kerk. Het is een dag voor godsdienstige verdieping, voor het lezen van de Aanhef (“In den beginne was het Woord…”), en voor de viering van de liefde binnen gezin en geloofsgemeenschap.
    • Orthodoxe Richtlijn (27 wintermaand Juliaans / 9 louwmaand Gregoriaans)
      • Heilige Stefanus
      • Hier wordt de Eerste-Martelaar en Aartsdeken Stefanus herdacht. De vreugde van de Geboorte wordt gevolgd door de werkelijkheid van het getuigenis dat tot de dood kan leiden. De koppeling blijft krachtig: het geloof eist offers.

    Vierde Kerstdag: De Onschuldige Kinderen


    • Westerse Beoefening (28 wintermaand)
      • De kringloop sluit met de meest aansprekende jool: de Onschuldige Kinderen van Bethlehem die door Herodes waren vermoord in zijn poging de pasgeboren Kerst-Koning uit te schakelen. Deze dag plaatst de vreugde over Kerst in het zonlooste gezichtspunt: de komst van het Licht roept de woedende tegenstand van de duisternis op. Het is een dag van boetepsalmen en bezinning over het lijden van onschuldigen.
    • Orthodoxe Richtlijn (28 wintermaand Juliaans / 10 louwmaand Gregoriaans)
      • Ook hier gedenkt men de Heilige Onschuldige Kinderen, die de Kerk “Eerste-Martelaren voor Kerst” noemt. Hun dood toont het duivelse verzet tegen de Vleeswording. Het is een plechtige herinnering dat de wereld waarin de Verlosser komt, een gebroken wereld is die verlossing behoeft.

    Hoogachtend,
    C. J. Righart
    ᛞᚳ᛬ᚹᛠᚱᛞᚳᚾᚪᚱ


    Beeld (achtergrond): VEMA